Voor 17.00 besteld, morgen in huis!
Zakelijke accounts
Vanaf €50,- gratis thuis bezorgd.

Fortis Coatings Applicatiegegevens

Tips & Uitleg: Het Technische Handboek

Het productassortiment kan met de meeste spuitapparatuur verwerkt worden. Daarnaast kunnen een aantal producten met de rol worden aangebracht. In dit hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van de meest gebruikte spuitapparatuur. Onderstaand treft u een korte omschrijving van het basisprincipe waarop de werking van de apparatuur is gebaseerd. De volgende applicatietechnieken komen aan de orde:

  • pneumatisch spuiten (luchtspuiten);
  • airless spuiten;
  • airmix spuiten;
  • warm spuiten;
  • electrostatisch spuiten;
  • twee componenten spuiten;
  • HVLP spuiten;
  • kwast en rol.

Pneumatisch spuiten (luchtspuiten)

Deze methode om verf te verwerken bestaat al heel lang en het basisprincipe is betrekkelijk eenvoudig. De technische werking van apparatuur verbetert zich steeds meer, maar de werking blijft hetzelfde. Pneumatisch spuiten ofwel luchtspuiten berust op een injectie van verf in een sterke luchtstroom. Het spuitpistool met een boven- of onderbeker leent zich vooral voor het kleinere werk en/of voor spuitwerk met veel kleurwisselingen. Met het onderbekerpistool, dat een grotere inhoud heeft, kan langer doorgewerkt worden zonder bijvullen. Voor grote oppervlakken kan gebruik gemaakt worden van een pistool met drukvoeding voorzien van een los verfreservoir met een inhoud van 2 tot 300 liter. Om een goed resultaat te verkrijgen met deze spuittechniek is het van belang, dat de verf op de juiste viscositeit gebracht wordt. Het verfverlies door overspray van deze methode is groot. Het merendeel van de producten van Baril Coatings kunnen via deze methode verwerkt worden. Op elk productdocumentatieblad onder “verwerkingsgegevens” staat een richtlijn voor viscositeit van de verf aangegeven. Er kunnen via deze spuitmethode geen hoge laagdikten in één arbeidsgang gerealiseerd worden.

Airless spuiten

Wanneer men een grotere productie wenst en dikke verflagen in één arbeidsgang wil verwerken is airless spuiten ontwikkeld. Bij dit luchtloos spuiten vernevelt de verf zich, doordat zij onder hogedruk (150 – 250 bar) door de spuitopening wordt geperst. Een groot deel van het productassortiment kan via deze spuitmethode verwerkt worden. Op elk productdocumentatieblad onder “verwerkingsgegevens” staat vermeld op welke viscositeit de verf afgesteld moet worden voor airlessverwerking. Polyurethaanlakken kunnen airless verwerkt worden, echter hier moet wel enige voorzichtigheid mee betracht worden voor de verflaagdikte. Indien een te hoge verflaagdikte in één arbeidsgang aangebracht wordt, resulteert dit in blaasvorming (luchtinsluiting) en schuimvorming en het enigszins mat slaan van de verflaag. Hierdoor loopt de glans van de verflaag terug.

Airmix spuiten

Airmix spuiten is in principe hetzelfde als airless spuiten. Het enige verschil is, dat bij deze applicatietechniek ook perslucht wordt gebruikt. Deze techniek noemt men ook wel luchtondersteund spuiten. Bij deze methode brengt een airless verfpomp de verf onder een druk van circa 50 bar. Bij de applicatie komt daar nog 1 – 1,5 bar perslucht bij om een beter spuitpatroon te krijgen. De verwerkingsgegevens van deze spuitmethode staan eveneens vermeld op het productdocumentatieblad. De verflaagdikte in één arbeidsgang is via deze methode geringer dan bij airless spuiten. Via deze applicatiemethode kunnen polyurethaanlakken beter verwerkt worden om tot een optimaal resultaat te komen.

Warm spuiten

Warm spuiten is toepasbaar in combinatie met airless- en airmix spuiten. Deze techniek is vooral te gebruiken bij taaiere verfproducten, die als eindresultaat een bepaalde laagdikte moeten hebben. Bij deze methode wordt de verf verwarmd van 40 tot 70 graden om zodoende een goede verwerkingsviscositeit te krijgen. Hierdoor is het niet noodzakelijk de verf te verdunnen. Het verwarmen gebeurt in een verfverwarmingsblok (hot airless), die is gekoppeld aan de airless- of airmix apparatuur.

Electrostatisch spuiten

Deze spuitmethode is gebaseerd op het principe, dat deeltjes met ongelijknamige lading elkaar aantrekken. De pneumatisch- of airless vernevelde verf wordt door middel van een elektrode negatief geladen en vervolgens op een positief geaard voorwerp gespoten. De, door het oppervlak aangetrokken verfdeeltjes, zetten zich ook aan de achterkant van het voorwerp af, waardoor vooral bij open werk veel minder verlies optreedt. Sommige ongunstige gevormde voorwerpen, zoals buizen en draadwerk behoeven maar van éénzijde te worden bespoten.

Twee componenten spuiten

Door de ontwikkeling van oplosmiddelarme en -vrije producten, die dikwijls in twee componenten worden geleverd, verbreidt deze applicatiemethode zich snel. Basislak en verharder worden via gescheiden leidingen in de juiste verhouding aangevoerd en in of juist voor het pistool gemengd. De verwerking gebeurt pneumatisch- of airless, eventueel met verwarming.

HVLP Spuiten

HVLP spuiten (High Volume Low Pressure) wordt in de schilders- en afwerkings bedrijven al langere tijd toegepast. Bij het verspuiten met HVLP pistool wordt de verf minder verneveld dan bij het spuiten met een luchtpistool. Door het hoge luchtvolume zijn de verfdeeltjes in de verfstraal groter en komt er meer verf op het object. De HVLP spuitmethode geeft niet hetzelfde eindresultaat als het persluchtspuiten. De minder fijne verneveling valt echter bij het spuiten van pleisterwerk niet op. Ook bij het gebruik van zijdeglans- of matlakken is de grovere verneveling niet nadelig.

Kwast en rol

Verf verwerken met de kwast is een bekende methode voor iedereen. Het is een arbeidsintensieve wijze om verf aan te brengen. Bij het aanbrengen van verf met verfrollers, kunnen op een snellere manier verflagen worden aangebracht. Deze methode is vooral geschikt voor het behandelen van grote en vlakke oppervlakken. Met een roller dient men er rekening mee te houden, dat voldoende verflaagdikte aangebracht wordt. Om een goed resultaat te bereiken dient een speciale verdunning gebruikt te worden. De verdunning die gebruikt moet worden staat vermeld in het productdocumentatieblad.

Diverse gebreken spuitmethoden

Elke spuitmethode heeft zijn eigen specifieke en speciale aanwijzingen om op de juiste manier het beste resultaat te krijgen. Toch kan het voorkomen dat het spuitpatroon en het verfbeeld niet zijn wat men ervan verwachtte. Onderstaande lijst is samengesteld om op een snelle wijze dergelijke problemen te herkennen en op te lossen, zodat het gewenste effect wordt behaald.

GebrekenOorzaakBeeldActie
TailingTe lage druk of te weinig verdundHarde lijnen in de vernevelingDruk verhogen of nozzle verkleinen of verdunnen
Spetterend spuitbeeldLuchtinslag door mengen, of een verse verfpartijLuchtbellen aan oppervlak van verffilmBeetje verdunnen. Verf ontluchten door te wachten of te zeven
Geen vlak of verticaal spuitpatroonOude tip of nozzle. Vuil in pistool Rond of schuin spuitpatroon Tip of nozzle vervangen. Pistool reinigen
Wissend of stotendTrekt valse lucht, lek in de pompWisselende patroonbreedte en spuitbeeldKoppelingen en slangen controleren
Kraters of pinholingOlie uit de pomp door lekkageKraters in de verffilm die op de ondergrond opentrekkenPomp doorspoelen en reinigen met schone verdunning. Let op besmetting
Slechte vloeiingVerf is te dik of te taai en ongunstig van viscositeitGeen strak uiterlijk. SinaasappelhuidVerf verdunnen of nozzle verkleinen en druk verhogen
Zakkers Te hoge laagdikte gespoten, over het kritische punt praktische standvermogen bereiktPlaatselijke zakkers op plaatsen waar extra laagdikte wordt gezetVerf verdunnen zodat er gelijkmatiger kan worden gewerkt

Materiaalgebruik

Voor een juiste berekening van het te verwachten materiaalverbruik bij spuitapplicatie, dient rekening gehouden te worden met een zeker materiaalverlies. In onderstaande tabel vindt u gegevens over verliespercentage bij verschillende spuitmethoden, die als vuistregels zijn te beschouwen.

ApplicatiemethodeAanbrengverlies %Viscositeit DIN-cup 4
Pneumatisch spuiten30-4018-35
Airless spuiten20-4030-60
Airmix spuiten20-4030-60
Warm spuiten20-4030-60*
Electrostatisch spuiten10-2018-30
Twee componenten spuiten20-4030-60
HVLP spuiten5-1020-35
Kwast en rol4-680-120

*Deze viscositeit wordt bereikt door verhoging van de temperatuur van de verf. In sommige gevallen kan het aanbrengverlies veel hoger zijn, bij het spuiten van openwerk, bijvoorbeeld balkonhekken.

Alle gegevens die noodzakelijk zijn om tot een goede applicatie te komen, staan vermeld op het productdocumentatieblad. De gegevens zijn slechts richtlijnen. Bij verwerking van lak spelen temperatuur, luchtvochtigheid en omstandigheden, waaronder gewerkt wordt een belangrijke rol, evenals de spuitopening en -hoek.

Eerder door jou bekeken

Je hebt nog geen product bekeken.